Harriët Koorn

Madeira Island Ultra Trail

23 april 2016

Rond zes uur 's ochtends stapte ik bloednerveus de auto uit. Nog maar een uur voor de start en het vertrouwen in een goede afloop was even ver te zoeken. Ik voelde me een dag eerder absoluut niet goed toen ik een stukje van het parcours had verkend. Totaal de verkeerde soort spanning op mijn spieren en met diezelfde benen zou het wel eens heel zwaar kunnen gaan worden.

Precies om zeven uur was de start en ging mijn avontuur beginnen. Ik had papa bij de organisatie officieel aan moeten melden als persoonlijk assistent, en ik wist bij welke controleposten hij zou staan. Net als na Gran Canaria ben ik veel van de dag gewoon totaal vergeten, dus het wordt misschien een beetje een vreemd verslag. Wat ik nog weet van het begin is dat de eerste post bij ongeveer vijf kilometer was en dat ik blij was dat er een dixie stond. Bij de volgende post op zo'n 13 kilometer zou papa zijn. Daar viel het me al op dat mijn Suunto een andere kilometerstand aangaf dan waar ik volgens de organisatie zou moeten zijn. Het lopen voelde vanaf de start al niet lekker, waar ik van baalde. Vlak na deze post zat er een soort mini-Fully in de route. (In Fully is een helse vertical kilometer over een oude spoorbaan, wat als trap omhoog loopt.) Ik zou er al snel achter komen dat vrijwel alle klimmen in de route uit trappen bestonden. Wie mij een beetje kent weet dat als ik iets niet kan, het traplopen is. Hoe kort ook, ik kom altijd hijgend boven. Ik wist wel dat er trappen in de route zaten, maar niet dat het vrijwel alles trap was. Ook de stukken naar beneden waren vaak trap. De volgende post was bij ongeveer 30 km, maar ik weet niet meer zo veel van dat stuk. Ik weet alleen dat m'n Suunto nu echt vreemd begon te doen en veel te snel steeds nieuwe kilometers aangaf, in tijden die nergens op sloegen. Dat irriteerde me enorm, want het was op Gran Canaria nou juist zo lekker dat de kilometers precies klopten, zodat ik daar een goede houvast aan had. Zeker als je mentaal wat slechter bent zoals hier op Madeira is dat heel prettig. Dit werkte nu dus averechts, want ik heb me er de rest van de dag aan geërgerd. Ik weet ook nog steeds niet waarom het niet goed werkte, maar bij de finish op 85 kilometer zat mijn Suunto al op 134...

Bij de stop op 30 km was papa weer. Ik heb een tijdje gezeten en me te goed gedaan aan een lading Tuc koekjes. Van te voren had ik op het profielkaartje van de route gezien dat het stuk tussen 30 en 60 kilometer het zwaarste zou zijn. Dat hielp niet erg, aangezien het nu al niet lekker ging, en het dus alleen nog maar zwaarder zou worden. De eerstvolgende post was bij ongeveer 40 kilometer, maar het hele stuk tot daar zou alleen maar klimmen zijn. Het was inmiddels erg warm geworden, en er stond geen zuchtje wind, waardoor het nog warmer aanvoelde. Vanaf deze klim begon ik door te krijgen dat ik bepaald niet de enige was die het zwaar had deze dag. Om de haverklap zag ik deelnemers zomaar langs de route in de schaduw liggen om uit te rusten. (Dat gebeurde op Gran Canaria helemaal niet.) Ik was op dit stuk zo langzaam dat ik niet uitkwam met m'n water en dus niks meer had. Ook daar hadden meer mensen last van, te zien aan hoeveel mensen hun flesjes bijvulden in kleine stroompjes en watervalletjes. Ik durfde dat niet aan, en kwam dus behoorlijk dorstig bij de post aan. Toen ik er net was werd er een vrouw halfdood op een brancard weggedragen. Verder zag ik om me heen erg veel ongezond rode hoofden. Het verbaasde me allemaal niet, aangezien ik zelf ook te weinig water had gehad en me zeker niet heel best voelde daar. Ook hier heb ik dus weer een tijdje gezeten. Toen ik wat zuchtte vroeg er meteen iemand van de organisatie of alles wel goed ging, en omdat ik bang was dat ze me niet verder zouden laten gaan als ik te vermoeid leek ben ik toen maar weer verder gegaan.

Het stuk naar de volgende post op 45 kilometer kende ik, want dat had ik vrijdag ook gelopen. Daar zou papa weer zijn. Ook dit was weer een stuk met erg veel trappen, met enorm hoge treden. Na lang zwoegen kwam ik uiteindelijk boven. Deze post lag op 1818 meter hoogte, wat het hoogste punt van de trail was. Ik had de afgelopen uren erg getwijfeld of ik wel door moest gaan. Ik was hier pas net over de helft en ik had het al zo zwaar. Toch had ik evengoed nog drie uur speling met de sluitingstijd en kon ik dus gewoon door. Ik vond het ook zonde om voor niks zo afgezien te hebben tot nu toe, en zo goedkoop is het nou ook weer niet allemaal, dus ik gaf toch maar niet op. Wel heb ik, wéér, een tijd gezeten en geprobeerd zo veel mogelijk te eten. Ik zag mensen van de EHBO met een spuitbus lopen waar ze bij deelnemers mee op de benen spoten. Ik wilde weten wat het was, en ze noemden het "pain killer". Dat klonk hoopvol, dus ik heb ze bij mij ook maar even laten spuiten. Het had niet direct het effect waar ik op hoopte, maar toch.

De komende tien kilometer ging voornamelijk naar beneden. Dat was voor de verandering wel even prettig. Daarna nog een klein stukje klimmen van ongeveer vier kilometer, en daarmee zat het meeste klimmen er op, en zou ik bij 58 kilometer zijn. In de laatste paar kilometer voor deze post begon het te schemeren en al snel was het donker. Lamp op dus en weer verder. Bij de post heb ik de batterijen nog vervangen van m'n lamp, omdat ik zag dat ie aangaf dat ze niet meer zo goed waren.

In tegenstelling tot Gran Canaria koelde het hier 's avonds wel wat af, wat ik erg prettig vond. Ik liep vanaf de post een hele tijd alleen. Ik hoorde wel iemand op een afstandje achter me lopen, maar hij kwam niet dichterbij. Ik had het gevoel dat diegene het wel prettig vond om een lichtje voor 'm te hebben lopen. Na een tijdje begon het mistig te worden, en zag ik steeds slechter. M'n lamp leek wel alleen de mist de verlichten, maar er niet doorheen te schijnen. Toen ik even stil stond omdat m'n rug erg zeer deed kwam degene die achter me had gelopen me dan toch voorbij. Nu had ik dus een lichtje voor me, wat ik wel even lekker vond. Het verbaasde me dat zijn lamp veel beter was, omdat m'n ervaring juist is dat ik een erg goeie lamp heb. Ik maakte er nu maar dankbaar gebruik van door achter de man te blijven tot aan de volgende post. Wel maakte ik me er zorgen om, omdat bijna alles wat nog kwam afdaling was. De laatste afdaling die ik nog net in het licht had gelopen vond ik eng. Smal, behoorlijk modderig, (waar ik niet op gerekend had en dus niet de goeie schoenen voor aan had) en als je naast het pad zou belanden viel je echt wel een paar meter naar beneden. Ik was dus bang dat ik in het donker ook nog zo zou moeten dalen. De post bij 67 kilometer was de laatste waar papa was tot aan de finish.

Bij het weglopen zette ik m'n lamp weer aan, die ik bij posten altijd uit zet. En tadaa, opeens had ik weer een schitterende bundel fel licht. Ontzettend dom, ik begreep meteen wat ik gedaan had. M'n lamp heeft twee standen. De felste stand, en als je nog een keer klikt een wat mindere stand. Nadat ik de batterijen had vervangen had ik getest of ie het goed deed: één keer geklikt, groot licht, hij deed het. Weer even uitgezet totdat ik weer verderging. Bij het verdergaan weer één keer geklikt, en niet nagedacht dat ie daardoor in de mindere stand stond... Dat krijg je als je er zo doorheen zit blijkbaar. Erg dom, maar ik was vooral erg blij dat ik weer veel licht had.

Het eerste stuk dat nu kwam ging door een bos. Ik liep best een tijdje alleen en vond het eerlijk gezegd een beetje creepy. Het was best een smal paadje, af en toe modderig, met aan een kant een aardig steile helling. Af en toe schrok ik van iets wat ik op het pad meende te zien, wat steeds gewoon schaduwen waren van struiken die ik zelf verlichtte. Ik was dus best wel blij toen ik na een tijdje weer andere lopers voor me zag.

Met nog ruim tien kilometer te gaan liep de route een heel stuk vlak langs de kust. Weliswaar een stuk hoger langs de zijkant van een berg, maar je hoorde de zee heel duidelijk en had er ook continu zicht op. De berg stak steeds een beetje uit de zee in, en draaide dan weer wat meer terug. Ik wist dat de finishplaats Machico ook enigszins in zo'n inham lag, dus ik dacht steeds: na de volgende bocht zie je het vast liggen. Maar nee, het kwam maar niet. De route draaide juist van de zee af, om aan de andere kant de berg om de gaan, om van die kant op Machico af te lopen. Ook had ik op dit stuk opeens pijn aan een teen. Het voelde als een blaar. Ik had niks bij me om er wat aan te doen dus m'n schoen uittrekken had weinig zin. Ik heb een tijdje geprobeerd met extra druk op m'n teen te lopen in de hoop dat ie lek zou gaan en het minder pijn zou doen. Blijkbaar werkte dat want even later voelde ik het niet meer.

Ik hoede nog maar een kilometer of vier en had honger. Ik had alleen nergens trek in en dacht: het is toch nog maar een klein stukje. Toen ik me realiseerde dat ik er waarschijnlijk nog een uur over zou lopen heb ik toch maar tegen heug en meug wat repen gegeten. Met nog een paar kilometer te gaan werd ik door mede lopers al gefeliciteerd dat ik de finish ging halen. Dat was wel grappig, en ik begon er nu zelf ook in te geloven dat het ging lukken. De finish was op een soort boulevard aan zee, en kon je al een tijdje zien liggen. Het kleine beetje publiek dat er nog stond op dit tijdstip klapte nog enthousiast ook, en zo kwam ik na 20:36:14 dan eindelijk over de finish. Helaas waren er geen medailles. Doe je daar nou zo je best voor... ;-)

Het was een mooie route, maar wel vreselijk zwaar door alle trappen. Ook had ik een mindere voorbereiding dan voor Gran Canaria, waar niet veel aan te doen was, maar daar kom je bij zulke afstanden niet zo makkelijk mee weg. Een goeie les voor toekomstige trails dus. Ondanks de slechte tijd en de loodzware dag ben ik toch vooral erg blij dat ik niet heb opgegeven en de finish heb gehaald.