Harriët Koorn

Marathon Rotterdam

12 april 2015

Ik ben geen stadsmens, hou niet van mensenmassa’s, en eigenlijk ook niet eens van hardlopen. Toch stond ik gisteren in Rotterdam aan de start van mijn eerste marathon.

Ik was super zenuwachtig. De 32 van Kampen was de laatste test en dat ging goed, maar 10 kilometer extra is toch best veel. In Kampen sprak ik al iemand die zei dat er drie weken tussen had moeten zitten in plaats van twee, maar dat leek me onzin. Ik had niet het gevoel dat ik niet hersteld was in ieder geval.

Ik startte in startwave 3, maar stond wel bijna vooraan. Nadat Lee Towers "you’ll never walk alone" had gezongen vertrok de eerste groep. Voor mij was het nog twintig minuten wachten voor ik mocht vertrekken. Ik vond het best bijzonder om er nu eens tussen te staan. Ik kijk er al jaren naar op televisie, maar als deelnemer maak je het heel anders mee.

Ik had het heel druk verwacht vanaf de start, maar doordat er vrij veel tijd tussen de verschillende startwaves zat en ik bijna vooraan stond was het eerste stuk juist heel rustig. Papa zou ergens na de start aan de kant staan, maar er stonden zoveel mensen dat ik niet verwachtte hem nog te zien. Opeens dacht ik m’n naam te horen en toen ik omkeek zag ik papa vrolijk zwaaien. Dat was leuk.

Ik begon wel lekker. De Erasmusbrug op vond ik leuk, omdat ik daar zicht had op het gebouw "De Rotterdam", waar papa jaren aan getekend heeft. Ik had het nog nooit af gezien. Het uitzicht vanaf de brug is ook mooi. Ik had wel na vijf kilometer al door dat ik te hard liep. Ik loop nog niet zo lang en voel nog niet zo goed aan op welke snelheid ik loop. Ik ben een stuk of tien keer gewaarschuwd om vooral niet hard te beginnen, maar ja. Toch nog best lastig.

Ik baalde er van dat ik al vrij snel last kreeg van m’n rechterbeen. De pijn trok net als met fietsen door m’n hele been. Ik heb er wel vaker ook met lopen last van gehad, maar dan had ik altijd de dag ervoor gefietst, en gaf ik dat de schuld. Nu had ik de hele week niet gefietst, en kreeg ik het toch. Heel irritant, en voor mij weer een bevestiging dat er meer (of toch iets anders) moet zijn dat die knik in mijn bekkenslagader. Die knik zit er niet als ik rechtop sta, dus dat kan het niet zijn bij hardlopen. Maar goed, ik kon er niks aan doen, dus ik moest me er maar niet door af laten leiden.

Halverwege kwam ik in 1.54.33 door, wat de tweede tijd is die ik ooit over een halve marathon gelopen heb. Niet zo slim dus. Ik voelde inmiddels wel dat de tweede helft geen pretje zou worden, maar had niet verwacht dat ik zo in kon storten. Vanaf 25 kilometer ben ik gaan lopen bij de drinkposten. Daarna kom je weer de Erasmusbrug over en loop je een stukje vlakbij de finish maar moet je nog een lus om de Kralingse Plas. Ik ben zelden zo kapot geweest als tijdens de laatste veertien kilometer. Alles deed zeer, ik kwam amper nog vooruit. Af en toe heb ik gewandeld, wat wel lekker was, maar daarna weer verder lopen deed enorm zeer. Na wat eeuwig leek te duren stond er eindelijk "1000" op de weg. Toen kon ik opeens weer harder en was ik heel blij dat ik de finish kon zien. Na 4.05.15 (nettotijd 4.05.10) kwam ik over de finish.

Na de tijdrit vorige week schreef ik nog dat ik weer moest leren afzien. Nou, dat is hier wel gelukt. Aan de ene kant baal ik best wel dat ik zo dom heb gelopen, want een tijd onder de vier uur had er gewoon makkelijk ingezeten als ik in een normaal tempo was gestart. Aan de andere kant is het mijn eerste marathon, en zoveel train ik er nou ook weer niet voor. Ik ben dus ook wel gewoon tevreden. Wel moet het nu nog een keer, en dan onder die vier uur.

Via deze link naar mijn uitslag is mijn enorme verval goed zichtbaar.