Harriët Koorn

TijdstrijdersCup

13 april 2014

Ook deze week naar Almere voor een tijdrit. Weer op een open, winderig rondje door de polder maar nu over 40,8 kilometer.

Het rondje kende ik al van de Monstertijdrit van vorig jaar. Verder vond ik het best lastig in te schatten wat ik op deze afstand zou kunnen. Ik wilde eigenlijk het gemiddelde wattage dat ik vorige week over 21 kilometer trapte, nu ook over deze afstand halen. Daarnaast wist ik waar het toernooirecord op stond bij de dames, dus dat had ik ook in mijn hoofd.

Er stond erg veel wind, en ik had al snel door dat hij niet bijzonder gunstig stond. Hoewel het parcours een rechthoek is en je zou denken dat je dus altijd net zoveel voor als tegen hebt, is dat niet zo. Tijdens de eerste 20 kilometer is er af en toe nog enige beschutting, en juist daar hadden we nu wind mee. Het ging dus wel hard, maar niet zo hard als ik zou willen. Het toernooirecord had ik dan ook al uit mijn hoofd gezet voor ik halverwege was. Ik had al uitgerekend wat ik tegenwind ongeveer zou moeten rijden, en ik wist dat ik dat niet ging halen met deze wind.

Halverwege was het over met de pret, en draaide ik het stuk tegenwind op. Nu begon het los van zere benen ook mentaal zwaar te worden. 20 kilometer achter elkaar alleen maar tegenwind is lastig. Ik trap voor de wind hetzelfde vermogen als tegen, maar toch voelt het met veel snelheid voor de wind beter dan harkend met tegenwind. Dit stuk weg moest opnieuw geasfalteerd worden, en daardoor waren er freesvakken en op sommige plekken al nieuwe stukken asfalt. Met nog ongeveer 10 kilometer te gaan was er door weer een freesvak een vrij hoge opstaande rand ontstaan. Ik zag dat aankomen, maar schatte in dat ik wel op mijn stuur kon blijven liggen. Dat kon ook, maar het gaf toch een grotere klap dan verwacht. Vlak daarna stonden dan ook meerdere mensen met lekke banden in de berm. Bij mij bleef gelukkig alles heel. De laatste 10 kilometer waren loeizwaar, en ik zat er aardig doorheen. Ik had halverwege wat gedronken, maar voelde nu toch dat alles een beetje begon te verkrampen. Nog snel even wat gedronken, maar dat was eigenlijk al te laat. Met nog ongeveer een kilometer te gaan probeerde ik een tand zwaarder te gaan rijden, maar dat kreeg ik niet meer rond. Maar weer teruggeschakeld dus, en die tand zwaarder bewaard voor de laatste 100 meter. Ik kwam na 1.00.51 over de finish, waarmee ik heb gewonnen. Zoals ik halverwege al wist had ik niet het parcoursrecord van de dames gehaald, maar het is wel de tweede tijd ooit gereden. Toch ook niet verkeerd. Thuis bleek dat ik gemiddeld 2 watt minder had getrapt dan vorige week. Dat had ik dus wel aardig ingeschat.

Ik vond het leuk om eens een tijdrit over deze afstand te rijden. De meeste zijn een stuk korter, en het is grappig om te merken dat je per afstand op een heel andere manier kapot gaat.