Harriët Koorn

Tijdrit Nijland

9 mei 2014

Windkracht 7 en er werd regen en onweer voorspeld. Het beloofde een bijzondere tijdrit te worden.

We waren erg op tijd vertrokken richting Friesland. De file-ervaring naar Borsele was me niet zo goed bevallen, en ook nu wilde ik het parcours van te voren graag nog even verkennen. Ik had de hele route al wel met google streetview bekeken. Eenmaal in Nijland aangekomen hebben we het rondje twee keer met de auto gereden. Het was op de meeste stukken vrij smal, en er zaten wat slingers in de weg waarbij ik niet zo goed in kon schatten op welke snelheid dat nog liggend te doen zou zijn. Verder vond ik het een leuke route, en met 19 kilometer ook een mooie afstand.

De organisatie had de hele dag de weersvoorspellingen goed in de gaten gehouden. Bij onweer mag een wedstrijd niet doorgaan van de KNWU. Gelukkig trokken de buien boven en onder Friesland langs, en was er niks aan de hand. Het enige dat bleef was windkracht 7. Daarom reed ik met een voorwiel met lage velg. Als een van de weinige trouwens, wat me verbaasde. Wat me ook verbaasde, was de hoeveelheid afzeggers/wegblijvers. Als het echt gevaarlijk is gaat het niet door, en als het wel doorgaat en je hebt je opgegeven hoor je gewoon te komen. De echte tijdrijders zijn natuurlijk niet bang voor een stormpje en waren er gewoon. In mijn categorie waren er vier niet, wat ik erg jammer vond.

Hoewel ik een beetje wankel van het startpodium reed kwam ik daarna goed op gang. De eerste helft hadden we de wind in de rug en dat was te merken. Het ging erg hard. Ik reed hele stukken dik boven de 50. Ik had wel ingeschat dat ik degene voor me in zou halen, maar niet dat ik haar zo snel al zou zien. Het was wel handig dat ze vrij dicht voor me reed op het moment dat ik langs de slingers in de weg kwam. Er kwamen net vier auto's van de andere kant aan. Doordat de automobilisten twee wielrensters redelijk dicht bij elkaar zagen rijden snapten ze waarschijnlijk dat het een wedstrijd was, en hielden ze duidelijk erg rekening met mij toen ik er aankwam. Dat was erg fijn. Eentje wachtte zelfs even voor de bocht, waardoor ik kon blijven liggen zonder op de motorkap te belanden. Jammer genoeg haalde ik degene voor me net bij een dorpje in. Ze reed midden op de weg, en hoe dichterbij ik kwam hoe meer ze naar links stuurde. Geen idee waarom, maar ik reed hierdoor recht op een vluchtheuvel af dus ik heb maar even een brul gegeven dat ze aan de kant moest. Toen ik haar net voorbij was reed er een geparkeerde auto vlak voor mijn neus weg. Dat is niet zo lekker als je tegen de 50 rijdt. Het was ook vrij hinderlijk, want ik moest ervoor in de remmen. Ook kwamen er net twee bochten aan waar de automobilist niet hard doorheen durfde en waardoor ik behoorlijk in moest houden. Ik zat maar te gebaren dat hij door moest rijden, maar helaas zonder resultaat. Na de tweede bocht gaf hij eindelijk gas, en kon ook bij mij het gas er weer op. Dat lukte, ik reed maximaal 58! Ik heb nog nooit eerder tijdens een tijdrit op een vlak stuk weg zo hard gereden. Ik reed met een hogere cadans dan ik ooit een tijdrit rijd, maar kon niet meer schakelen omdat ik al op het zwaarste verzet reed wat ik heb.

Hoewel het leuk is om zo hard te rijden, begon ik me toch ook wel af te vragen hoe ik op de terugweg tegen die wind in moest komen. Het viel me uiteindelijk nog mee hoe ik tegenwind kon blijven rijden. Het engste waren de bochten. Soms voelde je gewoon dat je opzij waaide als je een bocht instuurde. Best lastig om ze dan nog een beetje normaal aan te snijden.

Ik had al snel weer een richtpunt, omdat ik iemand voor me zag rijden. Toen ik tot een meter of 30 genaderd was staken er opeens een heleboel jonge eendjes vlak voor mijn voorganger over. Hij probeerde er omheen te slingeren, maar raakte er toch één. Toen ik vlak daarna langs reed lag het eendje half doodgereden piepend op de weg. Ik vond het zo zielig! Aangezien ik niks voor halfdode eendjes kan doen heb ik me toch maar weer geconcentreerd op mijn tijdrit. Het laatste stuk richting finish was het behoorlijk harken, maar het bleek dat ik toch wel goed had gereden. Ik had in mijn categorie dik gewonnen, en mocht een mooie prijs en bloemen mee naar huis nemen.

Dit was misschien wel de lastigste tijdrit die ik ooit heb gereden. Voor de wind kwam ik niet aan het vermogen wat ik wilde, omdat ik geen verzet meer over had. Het lukte me niet om dat met een heel hoge cadans te compenseren. En als je een kilometer of 10 zo hard hebt gereden maar met een te laag vermogen, lijkt het ook wel moeilijker te zijn om opeens tegenwind wél het goeie vermogen te gaan trappen. Gemiddeld zat ik dan ook behoorlijk af van wat ik vooraf in mijn hoofd had.